In mijn werk beweeg ik me tussen schilderkunst, fotografie, mixed media en ruimtelijk werk.
De keuze voor medium of discipline ontstaat steeds vanuit het idee of het gevoel dat ik wil onderzoeken en dat ik niet in woorden kan vangen. Experiment en de zoektocht naar technieken en materialen zijn onlosmakelijk met mijn werk verbonden.
Esthetische schoonheid is daarbij van ondergeschikt belang; expressiviteit weegt voor mij zwaarder dan het maken van ‘mooie’ kunst. Sommige werken bestaan slechts tijdelijk of blijven verbonden met het moment waarop zij ontstonden. Soms is een concept al voldoende.
Thema’s als kwetsbaarheid, vergankelijkheid en de manier waarop we betekenis toekennen aan wat zichtbaar is, zijn terugkerend, evenals het gebruik van kwetsbare en vergankelijke materialen.
Het werk richt zich op wat zich onder de oppervlakte en buiten het directe zichtveld afspeelt: de innerlijke wereld, de eigen geschiedenis, het weer heel worden. Niet ondanks wat we met ons meedragen, maar ermee.
De installaties ‘Waar het zicht eindigt’ die tijdens Kunstmaand Ameland worden getoond, zijn inhoudelijk met elkaar verbonden. Ze verbeelden sporen van wat was –of misschien nog steeds is– en het verlangen gezien en erkend te worden, ook in onvolmaaktheid.
Mijn werk nodigt uit tot vertraging en tot kijken voorbij de eerste indruk.